In welke mate bent u bezig met natuurinclusieve landbouw?

Yn hokker mate binne jo as boer natoerynklusyf dwaande?

Kruidenrijk grasland

Kruidenrijk grasland bestaat uit een verscheidenheid aan grassen en kruiden. Gedurende het seizoen bloeien er steeds weer andere soorten bloemen en kruiden. Elk grasland is anders vanwege de verschillen in bodem, waterhuishouding en andere factoren. Vandaar dat er ook geen standaard verschijningsvorm van kruidenrijk grasland is, het is van nature divers. Op de foto zie je soorten als beemdlangbloem, reukgras, kamgras, pinksterbloem, veldzuring en boterbloem. De vegetatie is gevarieerd en daardoor aantrekkelijk voor weidevogels en insecten. Het draagt daarmee bij aan een divers landschap.

Plasdras en greppels

In het vroege voorjaar verzamelen weidevogels zich rondom percelen die vernat zijn. Daar vinden ze voldoende rust en voedsel (wormen en larven) in een vochtige bodem; zo maken de vogels zich klaar voor het broedseizoen. Oude graslanden met greppels zijn uitermate geschikt voor het realiseren van greppelplasdras. Ondergelopen greppels bieden veel voedsel voor weidevogelkuikens. <i>Foto: Niek Bosma van Wetterskip Fryslân - Proeven bij Piekesyl.</i>

Stal met nestgelegenheid

Oude boerenschuren, daken en nissen e.d. zijn favoriete plekken voor tal van vogels. Zwaluwen zijn ook nog eens heel nuttig voor de boer omdat ze veel vliegen eten, duizenden per dag! Wist je dat een ouderpaar honderden (max. 400) nestvisites per dag aflegt? Ze kieperen wel alle mest uit het nest..., daar ben je dan als boer vast minder blij mee. Afhankelijk van de plaats kun je er een plank onder bevestigen om te voorkomen dat de mest op plaatsen valt die je niet wilt. <i>Foto: S. Miedema - Holwerd</i>

Leven op het erf rondom een boerderij

Een erf kan best netjes zijn, maar dat betekent niet dat er geen ruimte is voor biodiversiteit. Vooral met een gevarieerde inrichting kun je veel betekenen voor bijvoorbeeld vogels en insecten. Opgeruimd en netjes klinkt mooi, maar een variatie aan insecten bereik je door een stabiele variatie in kleine leefgebiedjes aan te brengen. Dat is meer een eigenschap die hoort bij constant rommelig en niet zo netjes... Een aangeharkt erf is meestal eenvormig en daarmom niet zo biodivers. Zorg daarom voor meerdere bronnen (variatie) voor biodiversiteit: schraal / rijk, droog / nat, begroeid / kaal, plat / hellend, 1 laag begroeiing (kruiden)/ meer lagen (ruigte, struiken, lage bomen, klimplanten, hoge bomen), windbestuivers / bloemplanten / kruidenvariatie, dood / levend. Daarnaast is het ook nodig dat de erven door de insectenpopulaties onderling bereikt kunnen worden via netwerken van corridors. Daarom ook variatie houden in de verbindende elementen, zoals sloten en bermen, of door variatie in naastliggend grasland en gewassen. <i>Foto: Gerben Engwerda - Tytsjerk</i>

Mozaïekbeheer

Creëer variatie! Door te weiden en gefaseerd te maaien is er veel meer ruimte voor biodiversiteit. Door een deel van het land later te maaien hebben weidevogels tijd en ruimte om hun eieren uit te broeden en jongen op te laten groeien. Variatie is daarnaast een vorm van risicospreiding en er ontstaat een hogere diversiteit in ruwvoerkwaliteit. <i>Foto: Fryske Gea - Binnenmiede en Weeshuispolder</i>

Groenblauwe dooradering

Dit bestaat uit lage begroeiing (ruigten, bermen, akkerranden), opgaande begroeiing (heggen, houtwallen, bomenrijen, bosjes) of uit waterelementen (greppels, sloten, poelen). Spaar de oevers zoveel mogelijk in de periode tussen 15 maart en 15 juli, probeer daarnaast gefaseerd water- en oeverplanten weg te maaien ter bevordering van de bio- diversiteit. <i>Foto: Wetterskip Fryslân</i>

Samenwerking Melkveehouder - Akkerbouwer

Het telen van granen en bonen door een akkerbouwer kan voor een veehouder in de buurt zorgen voor korte ketens. Daarnaast kunnen er eenvoudiger afspraken worden gemaakt over de uitruil van dierlijke mest en eiwitrijke gewassen. <i>Foto: Ecolana - Holwerd</i>

Regionaal veevoer: granen en bonen

Zowel tarwe als gerst zijn prima granen om te voeren en een gewas als veldbonen is zowel energie- als eiwitrijk. Ook luzerne en voederbieten zijn gewassen die in de regio of op het eigen bedrijf geteeld kunnen worden. Bovendien brengen veldbonen en luzerne als vlinderbloemige ook stikstof in de bodem Door het gebruik van regionaal veevoer wordt de impact op het milieu verkleind, denk aan minder CO2-uitstoot. <i>Foto: Hoogland bv - Leeuwarden</i>

Reduceren van kunstmest

Door gebruik te maken van de stikstofbinding van vlinderbloemigen kan het kunstmestgebruik gereduceerd worden. Je kunt hierbij denken aan witte en rode klaver. In beweid grasland is witte klaver een uitstekende stikstofleverancier. Voor de eerste snede mag best wat vaste mest (in het najaar) of drijfmest worden gegeven om de productie op gang te helpen. Witte klaver houdt van warmte en komt in het voorjaar wat trager op gang dan het gras. Mocht je binnen het bedrijf toch gebruik maken van kunstmest, kies dan voor kunstmestvormen op basis van ureum, deze zijn minder verzurend voor de bodem en beter voor het bodemleven. Tip: Als je gras / klaver als tijdelijk grasland hebt, in wisselteelt met akkerbouwgewassen, en het gewas wordt gemaaid dan is het gebruik van rode klaver aan te bevelen. Het gebruik van vlinderbloemigen zorgt voor natuurlijke stikstofbinding, waardoor op het gebruik van kunstmest bespaard kan worden.

Optimaliseren bedrijfskringloop

Hierbij gaat het om de kringloop Bodem, Gewas, Vee, Mest. Het efficiënt gebruik maken van nutriënten (inputs) draagt bij aan het reduceren van emissies naar lucht en oppervlaktewater. Denk hierbij aan de hoeveelheid en tijdstip van mest uitrijden, kwaliteit van de mest en de hoeveelheid krachtvoer. Ook door middel van inrichtingsmaatregelen in de stal (scheiden van gier en mest) en op het erf kunnen emissies worden voorkomen. <i>Foto: Rode worm in bodem. Jeroen Onrust (RUG)</i>

Beweiding

Beweiding wordt ook wel gezien als het visitekaartje van de Nederlandse melkveehouderij. Je kunt naar weidegang kijken vanuit verschillende perspectieven, denk aan: maatschappij & imago, dier & welzijn, milieu en economie. <i>Foto: Welmoed Deinum - Sondel</i>

Organische mest

Organische meststoffen zoals vaste mest, bokashi en compost bevatten veel organische stikstof die langzaam beschik¬baar komt. Organische mest is voeding voor het bodemleven en stimuleert de rode worm. Vanuit landbouwkundig oogpunt wordt organische mest vaak in de nazomer uitgereden. Bij het weidevogelbeheer vaak in het voorjaar. Dat zorgt er namelijk voor dat het gras niet te snel groeit en de vegetatie niet te hoog en te zwaar wordt voor weidevogels. <i>Foto: Albert van der Ploeg - Readtsjerk</i>

Robuuste veerassen

De dubbeldoelkoeien geven vaak wat minder melk, maar zijn beter bevleesd. Ook is de gezondheid en vruchtbaarheid van deze dieren vaak beter. Het mindere melkgeld wordt dan gecompenseerd door meer geld voor omzet en aanwas en door lagere gezondheidskosten. Naast de oude Friese veerassen zijn er andere dubbeldoel rassen die veel gebruikt worden. Denk aan: Fleckvieh, MRIJ, Blaarkop en Montbeliarde. <i>Foto: Jaring Brunia - Raerd</i>

Oud grasland

Oud grasland is om te koesteren! Het wordt gekenmerkt door een hoog organische stofgehalte, met een actief bodemleven. Gebleken is dat in percelen met een hoog organische stof gehalte de opname van nutriënten en water efficiënter is. Het aantal wormen, en met name rode wormen is hoger op oud grasland. Echt oud greppelland heeft daarnaast een hoge cultuurhistorische en ecologische waarde. Door de greppels ontstaat er een microreliëf en gradatie in nat en droog wat een leefgebied oplevert voor een grotere diversiteit aan insecten. Ook weidevogels maken graag gebruik van oud grasland. <i>Foto: Murk Nijdam - Wommels</i>

Gebruik van klavers en kruiden

Diverse graslanden met meerdere soorten grassen, klavers en kruiden dragen bij aan een goede bodemstructuur. Door het verschil in bewortelingstructuur en bewortelingsdiepte ontstaat er een weerbare graszode die beter bestand is tegen droge omstandigheden en de opname van vocht, nutriënten en mineralen vanuit diepere lagen bevordert. .

Over welke onderdelen zou je graag meer kennis willen verkrijgen?

Vul hier je top 3 in.

Opmerkingen en / of aanvullingen

Vul hier eventuele opmerkingen van uw kant in

Wilt u bericht ontvangen als we een nieuwe cursus / studiegroep starten of een masterclass organiseren?

Vul dan hier uw e-mailadres in.

Op basis van alle ingevulde testen krijgen wij een idee van de mate van natuurinclusiviteit van boeren in Fryslân. Mogen we jouw ingevulde gegevens (anoniem) hier ook voor gebruiken?

Uw voor- en achternaam

Uw woonplaats

Wilt u op de hoogte worden gehouden,