Resultaten uit verkenning studiegroep Natuurinclusieve stallenbouw

In Fryslân is een groep veehouders actief die nadenkt over hun bedrijfsvoering en meer aandacht wil besteden aan bodemkwaliteit, biodiversiteit (waaronder weidevogels) of die een samenwerking wil aangaan met een akkerbouwer in de buurt. Drijfmest is daarbij niet de ideale mestsoort, het scheiden van vaste mest en gier biedt mogelijk meer perspectief. Bij een aantal veehouders is ook de stal aan vervanging of aan renovatie toe. Dit biedt mogelijkheden voor het aanpassen van het stalsysteem.

Bodemkwaliteit centraal

Mest raakt alle aspecten van kringlooplandbouw: het speelt een rol bij de bodemkwaliteit en bodemvruchtbaarheid en het is de leverancier van organische stof en mineralen. Het is tegelijk ook een belangrijke factor voor de (agro)biodiversiteit, het voedt het bodemleven en daarmee komt ook voedsel beschikbaar voor andere diersoorten. De kwaliteit van de mest is daarbij essentieel. In de oude aanbindstallen werd mest en gier gescheiden verzameld en opgeslagen. De mest bevatte de organische stof en de organisch gebonden mineralen, die in de bodem langzaam beschikbaar kwamen. De gier (de urine) bestond uit goed oplosbare mineralen die snel beschikbaar kwamen voor een groeiend gewas, voornamelijk stikstof en kalium. Omdat de dierlijke mest en gier lange tijd de enige meststoffen waren, kon met beide meststoffen gestuurd worden.

Vanaf de jaren ’70 zijn we overgestapt op ligboxtallen. De ammoniakemissie bleek een probleem te zijn in deze stallen. In de afgelopen 25 jaar heeft de focus daarom sterk gelegen op de ontwikkeling van emissiearme stallen, zonder het principe van drijfmest los te laten. In het verlengde daarvan zijn de emissiearme opslag en aanwendingmethodes van mest ontwikkeld.

Stallen met mest en gier als stap in de transitie

De primaire scheiding van mest en gier kan, mits goed uitgevoerd, leiden tot een sterke reductie van ammoniakemissies. Schattingen op basis van een aantal metingen noemen een reductie van 75%. Door de verminderde ammoniakemissie is er meer N beschikbaar en kan worden bespaard op de inzet van kunstmest stikstof. Ook kan door de gerichte inzet van vaste mest op land met natuurdoelen/beheersbeperkingen stikstof worden bespaard.

De voordelen van mest en gier zoals hierboven zijn genoemd vergen een stal waar mest en gier gescheiden wordt verzameld: de zogeheten primaire scheiding. Die scheiding vereist andere vloeren en andere apparatuur om beide producten af te voeren. Er zijn al een aantal technieken beschikbaar. Ook zijn er al enkele stallen waarin dit principe wordt toegepast.

Resultaten uit verkenning met 13 Friese melkveehouders

Eind 2020 heeft Ysbrand Galema namens Living Lab Fryslân een verkenning uitgevoerd naar het ontwerp van een natuurinclusief stalsysteem, gericht op primaire scheiding van mest en urine. Welke keuzemogelijkheden zijn en waar moet je rekening mee houden bij de opzet van systeem qua vloertype, opslag, emissiereductie en uitrijden van de mest. De resultaten van deze verkenning leest u hier.

 

 

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *